Wat doet roken met uw tandvlees en gebit?
Abdurrahman
mondhygiënist, KRM-geregistreerd

Meer dan alleen verkleuring
Bij het roken komen stoffen zoals nicotine en teer vrij, en die raken niet alleen uw longen: ook de weefsels in uw mond krijgen ermee te maken. Veel rokers realiseren zich niet hoe ver die invloed reikt — van vertraagde genezing tot een grotere kans op tandvleesproblemen.
Wonden genezen langzamer
Nicotine vernauwt de kleine bloedvaten in uw tandvlees, waardoor er minder bloed naar de mond stroomt. Een goede doorbloeding is precies wat nodig is voor het herstel van weefsel. Na een gebitsreiniging of tandheelkundige ingreep geneest het tandvlees bij rokers daardoor merkbaar langzamer dan bij niet-rokers.
Meer tandplak en meer ontstekingen
Op uw tanden en vlak onder de rand van het tandvlees hoopt zich tandplak op: bacteriën en voedselresten die u met een tandenborstel wegpoetst. Wordt de plak niet weggehaald, dan stijgt het aantal bacteriën onder de tandvleesrand en raakt het tandvlees ontstoken. Bij rokers ontstaat die plak en tandsteen sneller, en doordat de doorbloeding minder goed is, geneest een ontsteking trager — en wordt hij bovendien later opgemerkt. Zo kan een ontsteking zonder dat u het merkt uitgroeien tot parodontitis, waarbij het kaakbot wordt aangetast en tanden en kiezen losser komen te staan. Regelmatige controle en behandeling zijn voor rokers daarom extra belangrijk.
Implantaten krijgen het zwaarder
Een implantaat is een kunstwortel die in het kaakbot wordt geplaatst en daar goed moet vastgroeien. Omdat het tandvlees en bot van rokers slechter doorbloed zijn, groeit een implantaat minder vaak goed vast: de kans dat een implantaat mislukt, is bij rokers aanzienlijk groter dan bij niet-rokers. Rookt u en denkt u aan een implantaat, bespreek dit dan altijd met uw tandarts.
Verhoogd risico op mondkanker
Roken vergroot het risico op afwijkingen in de mond, op de tong en in de keel, die zich tot mondkanker kunnen ontwikkelen. Het risico is bij rokers meerdere malen hoger dan bij niet-rokers, en roken en alcohol samen versterken elkaar verder. Dat is nog een reden waarom we tijdens elke controle ook naar uw mondholte kijken.
Verkleuring, slechte adem en smaakverlies
De teer in tabaksrook laat een aanslag achter op tanden, kiezen en vullingen — vergelijkbaar met die van koffie en thee, maar veel lastiger weg te poetsen. Roken is daarnaast een van de meest voorkomende oorzaken van een hardnekkige slechte adem, en veel rokers merken dat ze minder goed kunnen ruiken en proeven. Veel klachten nemen na het stoppen snel af. Verkleuring verdwijnt niet vanzelf, maar kan bij een gebitsreiniging grotendeels worden verwijderd.
Stoppen loont, al is het moeilijk
Stoppen met roken is niet eenvoudig: het is een verslaving en de eerste weken kunnen ontwenningsverschijnselen geven. Ook kan het tandvlees aanvankelijk vaker bloeden, zeker als er al ontstekingen zijn. Maar die tijdelijke hindernis is het waard: binnen enkele weken na het stoppen herstelt de doorbloeding, vermindert het aantal ontstekingen en verbeteren de resultaten van tandvleesbehandelingen. Wilt u stoppen? Bespreek het met uw tandarts of mondhygiënist — samen is het beter vol te houden. Begin ondertussen met een grondige gebitsreiniging om aanslag en tandsteen te verwijderen.